Veel mensen zien de ontwerper als een soort magische automaat. Je gooit er een muntje, het apparaat begint te ratelen en na verloop van tijd komt er een logo, flyer of website uit rollen. Die vergelijking klopt enigszins, maar wat mensen zich niet realiseren is dat het muntje dat ze erin gooien, de input, van wezenlijk belang is voor de output.

Alles kan

Theoretisch gezien kan een grafisch ontwerper alles voor je maken. Hij kan heel veel verschillende richtingen uitgaan. Dat maakt het lastig om iets te vinden dat bij jou en je bedrijf past als hij niet weet wat je nodig hebt. In de praktijk wordt de ontwerper uiteraard ook belemmerd door zijn eigen smaak. Als hij niet weet wat je nodig hebt, zal het eindresultaat voornamelijk voor hemzelf interessant zijn, omdat hij dan alleen af kan gaan op wat hijzelf interessant vindt.

Het is dus belangrijk de ontwerper de goede richting uit te sturen. Je hebt zelf namelijk geen idee van het ontwerpproces, de mogelijkheden, wat wel en niet goed ontwerp is en wat wel en niet bij jouw bedrijf past. Daarom is het de taak van de ontwerper om dit boven tafel te krijgen.

Twee inputmomenten

Er zijn twee belangrijke inputmomenten. Ten eerste natuurlijk voor de start van het ontwerp. Je geeft dan in een briefing aan wat je precies nodig hebt.

Aangezien een ontwerper vrijwel nooit met de eerste schetsopzet volledig raak zal schieten, heb je gedurende het proces ook een of meer feedbackmomenten nodig. Tijdens die momenten kan je reageren op de schetsopzetten die de ontwerper voor je heeft gemaakt. Aan de hand van je feedback kan de ontwerper de richting van het ontwerp verder finetunen.

Hoe lever ik dan goede input?

Je kunt de ontwerper het beste bijsturen met behulp van de volgende aanwijzingen:

Wees specifiek

Jouw bedrijf is uniek. Laat dit aan de ontwerper weten. Vertel hem wat jouw bedrijf onderscheid van andere bedrijven, op welke specifieke doelgroep je je richt. Op die manier heeft hij aanknopingspunten voor het ontwerp. Maar je kan ook denken aan dingen die specifiek passen bij hetgeen dat ontworpen moet worden. Wil je briefpapier ontworpen hebben en stuur je ook post naar de VS? Meld dat dan, want dan kan je ontwerper er rekening mee houden dat ze daar een ander papierformaat hebben. Wellicht dat jouw brieven daar gekopieerd moeten worden en dan is het belangrijk dat belangrijke informatie niet niet buiten de randen van het gekopieerde vel valt.

Vertel wat je wel en niet aanspreekt

In de feedbackfase is het belangrijk dat je duidelijk formuleert wáárom je kiest voor schetsopzet x. Als je alleen aangeeft dat je die opzet het mooiste vindt, dan heeft de ontwerper geen aanknopingspunten voor het verbeteren van dit ontwerp. Geef aan dat je wel tevreden bent met de algehele layout, het gekozen lettertype en het kleurvlak bovenin, maar niet met de kleuren (te donker), en de foto van de spelende kinderen (te klein). Op die manier weet de ontwerper wat hij moet aanpassen en wat juist niet. Zonder die informatie heb je kans dat hij juist verder weg gaat staan van wat je eigenlijk wil hebben.

Taak voor de ontwerper

Zoals ik al zei is het ook de taak van de ontwerper om door te vragen. Tegelijkertijd is hij ook afhankelijk van jouw input. Zonder dat kan hij nooit datgene maken dat je werkelijk nodig hebt. Wees je daarvan bewust als je je ontwerper instrueert.

Ben jij goed in het leveren van input en feedback? Op welke manier kan ik als ontwerper jou daarin het beste aansturen? Laat het hieronder weten in een reactie!